0 notes &
Bewaarde gedachtes uit een vakantie in 2002
Isla Margarita 2002.
In een cafe hangen de muren vol met foto’s van mensen die het er gezellig hebben. Een leeg cafe met een muur vol foto’s.
Kakkerlakken. Ik word wakker en precies boven mij op het plafond zit een kakkerlak. Eerst durf ik niet te bewegen. Zoals bekend walg ik van insecten. Kakkerlakken schijnen banger te zijn voor mij dan ik voor hen. Ik kan het mij werkelijk niet voorstellen.
Nu ik er toch over nadenk: wat eten kakkerlakken eigenlijk? Angstvallig check ik of mijn kleine teen er nog aan zit. Gerustgesteld haal ik adem als ik mijn teentje zie. Als een ninja schuif ik het vloeiend het bed uit, de kakkerlak merkt niets en blijft stil zitten.
Zonnetje, zwembad en door het hele hotel klinkt The Eagles’ Hotel California. Er lijkt geen verschil te zijn tussen de jaren ‘80 en nu. Totdat het zoveelste mobieltje af gaat, natuurlijk.
Hotel California is weer over de speakers te horen. Nu in de Spaanse versie. Zou deze vertaling ook uit 1976 komen? Of zouden ze eerst 20 jaren gewacht hebben met vertalen? Na hoe lang is iets een klassieker genoeg om te vertalen?
Iedereen doet hier aan Bingo. Jong en oud. Ik doe natuurlijk ook mee; Je kan redelijk grote geldprijzen winnen. (Zo is er om 23:00 precies een superbingo waar je met 3 piek 3500 gulden kan winnen - Ik ben nog niet om naar de euro) Als een echte spelbreker reken ik voor mezelf uit dat de kans dat je deze wint klein is. Er worden namelijk 1100 bingo kaarten verkocht. (Al deze informatie staat op kolossale elektronische borden). Uiteindelijk zijn we met drie loten (1 per persoon) aan het spelen, en op één kaart hoeven nog maar twee van de vijftien getallen te worden weggestreept. “BINGO!” Aan de andere kant van de zaal.
Vandaag heb ik een kakkerlak gezien die op z’n rug lag. Hij kon zich ruim twee uur lang niet omkeren. Ik heb geleerd uit post-apocalyptische films dat ze niet dood te krijgen zijn, maar liggen ze op hun rug na een kernramp dan kunnen ze nooit omkeren. De kakkerlak verlaat dood het pand.
Ik heb met bingo gewonnen: Het was geen superbingo. Slechts 114 kaarten verkocht. Toch 30 gulden verdient. Het gevoel van winst -wanneer het benodigde laatste nummer wordt omgeroepen- is onbeschrijfelijk. De bejaarden van Nederland houden dit een goedbewaard geheim.