onstwedder.com

All that you have is your soul

0 notes &

Een avond in het veld

We liggen in het midden van een grasveld. Ze ligt vrij dicht bij me in de buurt, als ik zou willen, zou ik haar kunnen aanraken. Het enige wat ik hoef te doen is mijn arm een heel klein beetje strekken. Maar in plaats van dat ik haar probeer aan te raken, kijk ik omhoog. Het is donker en ik kan zowaar een aantal sterren zien. Niet de sterren die je altijd wel kan zien, maar een paar die echt heel fel zijn. Zelf noem ik ze de Speciale sterren.

Ze schuift iets dichter naar me toe. Ik doorbreek de stilte: “Soms zijn er dagen en dan heb ik echt het idee dat ik in het leven niets bereik hebt. Dat ik alle kansen heb verspild.” Ik probeer te lachen om de opmerking iets van zijn treurigheid te laten verliezen. Maar mijn glimlach bereikt haar niet. Ze staart naar me op een manier die mij doet denken dat ze niet begrijpt wat ik probeer te zeggen.

“Ik ben niet bang om iets te verliezen, want ik heb alles al verloren.” Ze opent haar mond alsof ze op het punt staat wat te zeggen, alsof ze me wil onderbreken. Ik zeg even niets, zodat ze de kans heeft om te praten. Niets.

“In de serie Roseanna, speelde iemand Darlene.” ze fluistert iets. Volgens mij zei ze “Dat weet ik nog.”. Afwezig ga ik door, “ik hield echt van haar, ze was zo echt. Ze was zo… zo… zoals ik. Ze was namelijk een karakter in een comedy maar op een gegeven moment werd ze depressief en ze is daar nooit helemaal over heen gekomen in de serie.” Ze knikt, maar haar ogen verraden dat ze niet aanvoelt waar ik het over heb. Misschien verraden haar ogen het ook wel niet. Het zou zo maar kunnen dat haar ogen helemaal niets vertellen en dat ik het me het allemaal maar inbeeld.

“Darlene was gewoon een karakter in een comedy. Een comedy. Een depressief persoon in een comedy – Dat is toch best mooi.” Ik had het nog niet gezegd of ik realiseer me dat er veel andere comedies zijn met depressieve mensen. Zij weet dit waarschijnlijk ook, maar ze durft me nu niet tegen te spreken. Het enige was zij wil, is dat ik weer blij word. Ze wil dat ik de persoon word waar ze van houdt. Ze wil dat ik iemand word die ikzelf allang heb achtergelaten. “Weet je, in comedies zijn depressieve mensen, zelfs manisch depressieven, grappig. Misschien wil ik daarom wel altijd grappig zijn.”

“Je speelt alleen niet in een comedy.” Eindelijk zegt ze iets. En ze heeft gelijk. Als ze wat zegt, dan heeft ze gelijk. “Maar stel nu dat dit allemaal wel een comedy is?” Ik pauzeer even, “… Als het hele leven een grote comedyserie is, dan zou het waarschijnlijk na één seizoen al van de televisie worden gehaald.” Ik grijns een beetje; Ze kan er niet om lachen, het enige wat ze doet is haar schouders ophalen: “Misschien.”

“Heb je ooit weleens gedroomd dat je iemand anders was dan jezelf?” Ze kijkt omhoog naar de sterren, maar volgens mij kijkt ze niet eens naar de Speciale sterren. Dan zegt ze “Nee.” Dat verbaast me toch wel, dit antwoord had ik niet verwacht. “Je zal toch wel eens hebben gedroomd dat je kon vliegen, dat je een vogel was? Of misschien een kat -of weet ik veel- een poes?” Ze draait haar hoofd naar me toe. Ik denk dat ze wil kijken of ik serieus ben of niet. Ik ben serieus. “Ik heb weleens gedroomd dat ik kon vliegen, ja. Maar ik was gewoon mezelf. Ik was geen vogel of zo.” “Ik heb zelf weleens gedroomd dat ik een hond was en ik rende achter een weetikveel aan. En plotseling werd ik doodgereden door een auto.” Ze zucht. “Af en toe ben je ziek, weet je dat.” Zag ik een glimlach op haar gezicht?

Opeens zie ik een vallende ster. Deze vallende ster is een ster die normaal alleen in films tevoorschijn komt; Zo fel en duidelijk. Het kan haast niet zijn dat het een echte vallende ster was. Het moet haast wel iets zijn, dat alleen in mijn gedachten heeft plaats gevonden. In ieder geval wil ik deze vallende ster de Speciale speciale ster noemen.

“Heb je net die vallende ster gezien?” vraag ik haar vol enthusiasme. “Er was geen vallende ster.” antwoordt ze koud. “Ik zag er net één. Daar. Je moet hem wel gezien hebben.” “Er was er geeneen.” herhaalt ze. Misschien ligt het niet aan mij, maar ligt het aan haar. Misschien was er wel een vallende ster en denkt zij gewoon dat ze hem niet heeft gezien. Voor hetzelfde geld is zij gewoon zo gek als een deur. Misschien is de Speciale speciale ster wel een teken van God of zo om mij te tonen dat ik helemaal niet gek ben.

Ik speur de hemel nog af voor een andere vallende ster. Maar die komt niet.

Ze heeft nooit echt van me gehouden. Ze viel alleen op me. Ze moet gedacht hebben dat het wel leuk zou zijn om een tijdje met die vreemde jongen van de hoek de tijd te verdrijven. Ik haat haar. En zij haat mij. Dat is de reden dat we naar dit soort plaatsen gaan. Een koud grasveld. Er is hier in een radius van een miljoen kilometers helemaal niemand. Ze wil hier heen zijn, omdat we dan niet echt samen hoeven te zijn. Natuurlijk, we zijn samen, maar ze laat haar gedachten gewoon wegwandelen in de grote zwarte ruimte. Ze wil geen tijd met mij besteden. Ze heeft zo’n intense hekel aan me.

Dus ik haat haar. En ik haat het hier. Het is hier koud. Dat vieze gras. Al die smerige insecten die in het gras onder mij door lopen. De insecten zijn bijna onzichtbaar, maar ze jeuken en ze zijn zeker wel aanwezig. Ik haat ook de zogenaamde Speciale sterren, want het enige dat die doen, is op mij neer kijken en me uitlachen. Ik haat het allemaal. Ik haat dit stink grasveld. Ze kruipt naar me toe.

“Je bent nu al een tijdje stil. Ben je eindelijk sprakeloos, vanwege alle schoonheid hier?” Ik hoor het binnen in me kreunen. “Zoiets ja.” zeg ik maar. Haar arm beweegt zich langzaam over mijn buik en dan houdt ze me stevig vast en zegt ze “Het is hier zo romantisch. Ik hou van deze plek. Zo moet de hemel er ook uitzien.”

Ik besluit om mijn kop te houden.

geschreven in augustus 2001.

Filed under verhaal nederlands